Er komt een dag,
zonnig en rustig als deze,
waarop je met
volkomen onschuld
het begin van het
einde kent, de
eenzaamheid van alles
die jou, in je verslagenheid,
omringt.
En dan ontwaar je
een naamloze
dagdagelijkse geur,
een dof gerucht dat je
voordien
niet hoorde.
En je wordt overvallen
door een lichtende schim
die de einder
verbrandt.